1. Deze website gebruikt cookies. Door deze website verder te gebruiken, gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Leer Meer.

Digitale fotografie

Discussie in 'Grafisch / Design' gestart door *Kingpin*, 7 aug 2007.

Discussie Digitale fotografie in het Grafisch / Design forum op nationaalcomputerforum.nl/.

  1. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    TUTORIAL NOG IN AANMAAK

    [hand]

    Digitale fotografie


    Basisbegrippen, tips voor op het terrein en verbeteren van "mislukte" foto's op de computer.

    [​IMG]



    ...Inhoudsopgave


    1. [linkje]Inleiding [/linkje]
      .
    2. [linkje]Fundamentale kennis en basisbegrippen [/linkje]
      • Camera (onderdelen)
      • Basisbegrippen Fotografie
      .
    3. [linkje]Enkele belangrijke instellingen [/linkje]
      • Instellingen
        • Sluitertijd
        • Diafragma
        • ISO
        • Witbalans
      • Programmakeuzes/scnes
        • M (Manuele modus)
        • S (Sluitertijdvoorkeuze)
        • A (diafragma voorkeuze)
        • P (Programma-modus)
        • Verdere programma's
      .
    4. [linkje]Enkele algemene regels en richtlijnen[/linkje]
      • Gulden Snede en Regel van Derden
      • Compositie
      • Symmetrie, lijnen, structuren, patronen
      • Perspectief
      • ..
      • ..
      • ..
      .
    5. [linkje]Takken van de fotografie[/linkje]
      • Natuur-/Landschapsfotografie
      • Actie-/Sportfotografie
      • Macrofotografie
      • Dieren
      • Architectuur
      • Nachtfotografie
      • Zwart/wit
      • Mensen/Modellen/Portretfotografie
      • Evenementen-/Party-/Concert-/Nightlife-/Festivalfotografie
      .
    6. [linkje]Fotobewerking en tips voor verbeteren van (mislukte) foto's [/linkje]
      • Foto rechtzetten
      • Perspectiefcorrectie
      • Contrast aanpassen
      • Verscherpen
      • Verwijderen van ruis
      • Rode ogen ---> zie tut .... linkje
      • ..
      • ..
      • ..
    7. [linkje]Fotobewerking algemeen[/linkje]
      • Kadertjes ed. aan foto's toevoegen
      • Fotomanipulatie
      • ...
      • ..
      • ..

    8. [linkje]Links[/linkje]
      • Nuttige links
      • Bronnen en meer info






    [/hand]





    [hand]


    1. INLEIDING


    Doel van deze tutorial is een (grondige) basisinleiding te geven in de digitale fotografie. Dit houdt o.a. de verduidelijking van een aantal begrippen en termen mbt camera's en fotografie, een overzicht van mogelijkheden op vlak van instellingen, ... Daarnaast komen wat algemene richtlijnen en tips aan bod om zoveel mogelijk uit je digitale camera te halen. Tot slot een aantal trukjes om (mislukte) foto's toch wat proberen te verbeteren door ze te bewerken op de computer.

    In deze tut wordt bij een aantal deeltjes uitgegaan van een situatie met halfautomatische digitale "compact" of "bridge" camera's. Dit wil zeggen: een digitale compactcamera (dus geen DSLR (spiegelreflexcamera)) met de mogelijkheid tot handmatige aanpassingen van een aantal instellingen (M/P/A/S-modus, zelf kunnen instellen van diafragma, sluitertijd, ...).

    De meeste voorbeeldfoto's zijn (sterk) verkleind owv. plaatsbesparing, overzicht, hosting ed. Door erop te klikken, krijg je een grotere weergave te zien.

    Bij de bewerkingen in de laatste delen van deze tut worden de meesten uitgelegd ahv. het fotobewerkprogramma Adobe Photoshop. Hier kan je de volledig werkende trial (30 d.) van Photoshop downloaden, klik. De trials zijn Engelstalig, dus indien je zelf al Photoshop aan boord hebt en een NL versie gebruikt, kan je hier indien nodig de vertalingen van het menu ed. terugvinden, klik. (Oudere versies van) Photoshop kan ook wel aan een dumpingprijzen aanschaffen in pc-zaken, bij verschijnen van een nieuwe versie, als een soort "out of age" actie.




    Veel lees- en experimenteerplezier! :)







    [/hand]


    .
     
    Laatst bewerkt: 24 aug 2009
  2. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]


    2. BASISKENNIS en -BEGRIPPEN



    1. [linkje]De digitale camera[/linkje]
      • [linkje]Alg. overzicht van de onderdelen van een digitale (compact/bridge) camera[/linkje]
      • [linkje]Ken (de mogelijkheden van) je toestel: handleiding en menu[/linkje]
    2. [linkje]Terminologie, fotografische begrippen en hun verklaring[/linkje]




    2.1. DE DIGITALE CAMERA


    a. Alg. overzicht van (uitwendige) onderdelen van een digitale (compact/bridge) camera


    Dit is slechts een algemeen overzicht van de (hoofd)onderdelen die op de meeste halfautomatische digitale camera's aanwezig zijn. Het hangt er verder af wel merk/model (zoom, ...) je hebt, welke bijkomende onderdelen er nog op de camera zitten, hoe het er juist uitziet bij jouw toestel, enz.


    Voorkant :
    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/cam1_.jpg[/IMGl] ..... [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/cam_comps1.jpg[/IMGl]










    ........ A. Ontspanknop (ontspanner)
    ........ B. Lens
    ........ C. Menukeuzeknop (modi)
    ........ D. Flits
    ........ E. Zelfontspannerlampje





    Achterkant :
    .. [​IMG]


    Bovenkant :

    ... [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/cam3_.jpg[/IMGl] ... [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/cam_comp3.jpg[/IMGl]










    ........ I. On/Off schakelaar
    ........ J. Focusschakel/Macro knop




    Onderkant :

    ... [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/cam4_.jpg[/IMGl] ... [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/am_comp4.jpg[/IMGl]











    ........ K. Geheugenkaart-/batterijklep
    ........ L. Statiefbevestiging





    Profiel :

    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/comp4_.jpg[/IMGl]






    ........ M. Bevestiging voor draagriem
    ........ N. Digital/AV Out aansluiting
    ........ O. DC In aansluiting
    ........ P. Klepje
    ........ Q. Objectiefcilinder









    b. Ken (de mogelijkheden van) je toestel


    a) De handleiding bij de camera

    Moeilijk, want je wil liefst meteen aan de slag met je nieuwe aanwinst :p, maar toch niet onbelangijk : [​IMG].
    Daarom hoef je de handleiding die bij je camera zit nog niet meteen van begin tot einde al tot in de kleinste details te lezen/begrijpen. Veel ervan zal nl. "overwhalming" zijn op het begin. Maar door al eens rustig de korte inhoud, overzicht van de hoofdstukken, bepaalde (basis)delen van de handleiding door te nemen, kan je wel al een globaal idee krijgen van waar evtl welke/meer info terug te vinden is m.b.t. jouw camera, over welke mogelijkheden je camera zoals beschikt, enz...
    De handleiding is vaak toegevoegd onder de vorm van een boekje, maar kan ook op een bijgeleverde CD staan. Daarnaast zijn algemene en extra handleidingen, gebruiksaanwijzingen, vertalingen, ... voor je toestel ook meestal terug te vinden op de site van de fabrikant.


    Enkele links :

    Fujifilm miniguides (onder menu "download" > documentatie)
    Panasonic Gebruiksaanwijzingen
    Canon Productbrochures
    Sony Gebruiksaanwijzingen
    Olympus Handleidingen
    Kodak producthandleidingen
    Nikon handleidingen



    b) Het menu op de camera zelf

    Ook is het handig het menu op je camera zelf eens rustig te overlopen, om een overzicht te krijgen van de aanwezige opties, instellingen, ... Pas als je gaat graven in de instellingen, kan je nog heel wat ontdekken om je toestel naar je hand te zetten. Denk dus ook niet te snel dat je toestel "slechte foto's" neemt, of iets "niet kan", vaak is dit slechts een kwestie van instellingen en ervaring met je toestel opdoen!

    Vbn.:
    • Bij de meeste camera's staat de fotokwaliteit ingesteld op "standard". Door even te bladeren in het menu op je toestel, kan je erachter komen dat er bv. ook een "Fine" of "Economy" stand aanwezig is, en evtl deze dan selecteren afhankelijk van je voorkeur (betere kwaliteit, of meer foto's op je geheugenkaartje kunnen krijgen door te kiezen voor de economy/lagere kwaliteit). Misschien kan je behalve op .jpeg formaat, ook wel foto's op .raw formaat nemen, of zelfs beide !
      .
      [​IMG] ..... [​IMG]
      .
    • Standaard staat meestal de "single autofocus" ingesteld. Handig, maar soms is het handiger dat je een continue autofocus kan instellen (bv. sportfotografie : snelheid van de autofocus is belangrijk), of een manuele scherpstelling ipv een autofocus. Ook dit kan je ontdekken in het menu op je camera en eens mee experimenteren.

      [​IMG]
      .
    • Vind je het geluid bij klikken op een knopje, bladeren tussen de instellingen, scherpstellen, .. vervelend ? Blader even door de instellingen, doorgaans kan je dit gebiep gedeeltelijk of helemaal uitzetten.

      [​IMG]
      .
    • Wanneer je foto's wil laten afdrukken, wordt vaak een optimale resolutie opgegeven voor een bepaalde afmeting.
      Bv. "fotoformaat 10 x 15 cm - Optimale resolutie (br x h): 1800 x 1200px"
      Maar als je bv. in Photoshop de breedte van je foto verkleint naar 1200px, zie je dat de andere waarde 1600 wordt, ipv 1800px.
      Oorzaak hiervan is een verschillende "aspect ratio". Op je fototoestel kan een aspect ratio van 4:3 ingesteld staan, terwijl om af te drukken gewerkt wordt met 3:2.
      Als je dus niet elke keer je laat afdrukken de witte boorden van foto's wil knippen of voor het doorzenden naar de site van de fotograaf eerst de foto's stuk voor stuk moet croppen/een boord afknippen zodanig ze ook van een formaat 3:2 zijn ipv 4:3 (of 16:9), kan je best op de camera zelf eerst kijken welke aspect ratio standaard ingesteld is, en deze veranderen indien nodig.

      [​IMG]
    Het kan dus zeker de moeite lonen, dit na te zien voor je aan de slag gaat. Het zou jammer zijn dat je achteraf merkt dat je heel de tijd op "economy" kwaliteit foto's getrokken hebt, terwijl je "fine" had kunnen nemen, er veel van je actiefoto's onscherp zijn omdat je niet wist dat er een continuous autofocus mode ingesteld kon worden, enz.
    Dit is een beetje camera-specifiek, je kan het dus het best zelf even nagaan op je toestel, via het menu en/of m.b.v. de handleiding. Meer over de instellingen, waar ze juist voor staan enz... komt in volgende delen en hoofdstukken aan bod.






    2.2 TERMINOLOGIE, fotografische begrippen en hun verklaring


    In dit stukje volgt een alfabetische lijst met verklaring/definities van veelgebruikte, algemene begrippen en termen m.b.t tot de (digitale) fotografie, die ook regelmatig verder in deze tut gebruikt zullen worden. Dit is vooral bedoeld ter info, naslag, om iets snel in op te zoeken, enz. De belangrijkste zaken/begrippen i.f.v. het nemen van je foto's, komen later uitgebreider aan bod, dus laat je niet afschrikken als het allemaal nogal saai en weinig concreet overkomt nu.



    ~ A ~

    A-voorkeur = Aperture priority (AP) = Diafragma voorkeur = de "A-stand". Bij Aperture priority bepaal je zelf het diafragmagetal, de camera zoekt er een sluitertijd bij. In deze stand heb je dus de de vrijheid om zelf de scherptediepte te kiezen. Zie ook deel "Programmakeuzes".
    Accu : (Oplaadbare) batterij. Wanneer men bij digitale fototoestellen spreekt van een accu, bedoelt men dit meestal als camera-specfieke (li-ion) energiebron, "eigen accu", in tegenstelling tot universeel bruikbare "AA" batterijen. Meer
    Actiefotografie : Tak van de fotografie, waarbij het onderwerp "actie", dynamiek is. Het onderwerp is in beweging, bv. een wielrenner, skateboarder, rijdende F1-wagen, maar ook : kind op een touter, een landschap met waterval, zelfs de vrijwel onopvallende beweging van het sterrenstelsel kan hieronder vallen... zie ook "Takken van de fotografie"
    AE = Auto(matic) Exposure : Automatische belichting, de belichtingsinstellingen worden automatisch ingesteld hiermee.
    AE/AF lock (knop) : Auto Exposure/Auto Focus vergrendeling. Bij veel toestellen kan je AE en AF vergrendelen door de ontspanner half ingedrukt te houden. Bij sommige toestellen is er daarnaast een extra knop AE/AF Lock (afbeelding). Bij het half ingedrukt houden van de ontspanner wordt de scherpte en de belichting vergrendeld wanneer ingeschakeld (lock). In veel gevallen zal bij beide methodes zowel AE als AF worden vastgehouden. Bij een aantal toestellen is in het menu in te stellen of bij AE/AF Lock ofwel beide gelocked moeten worden, of alleen AE of alleen AF (afbeelding).
    AF = AutoFocus : Een systeem waarbij de camera automatisch scherpstelt op het onderwerp, bv. bij het half ingedrukt houden (vasthouden van scherpstelling) van de ontspanner. Door opnieuw de ontspanknop half ingedrukt te houden, kan je op iets anders laten focussen. Op de meeste toestellen zijn er verschillende autofocus modussen instelbaar, bv. "servo AF" of "continuous autofocus" (belangrijk voor bv. bij sportfotografie waarbij voortdurend automatisch scherpgesteld moet kunnen worden : snelheid van scherpstelling is noodzakelijk). Daarnaast heb je nog 1-punts AF, multi AF, face-detection AF, ...
    Autofocus (AF) staat in tegensteling tot "Manuele Focus" (MF) : scherpstelling die niet automatisch door de camera gebeurt, maar waarbij je zelf handmatig scherpstelt, wat een voordeel kan zijn bij bv. Macrofotografie.
    Anti-aliasing: Aliasing is de gekartelde rand bij bv. gebogen lijnen die bij sterk uitvergrote foto's zichtbaar wordt. Anti-aliasing is een techniek om deze gekartelde rand wat uit te vlakken.
    Aperture = Diafragma, zie Diafragma.
    Artefacts: storende "fouten" in een foto, veroorzaakt door oa. een te hoge compressieverhouding in het JPEG-formaat. Zo kunnen bv. in een egale blauwe lucht vierkante kleurvlakken zichtbaar worden. Verdere vbn. van artefacts: ruis en halo's
    Aspect ratio = beeldverhouding, bij dig. fototoestellen is de beeldverhouding 4:3 (afgestemd op een standaard monitor), maar instelling op andere beeldverhoudingen is bij sommige moderne, geavanceerde camera's ook mogelijk, bv. 16:9, 3:2.
    Astrofotografie : Tak van de fotografie die zich specifiek bezighoudt met het fotograferen van astronomische onderwerpen en verschijnselen, objecten aan de nachtelijke hemel, bv. de sterrenhemel, planeten, satellieten, ... Omdat deze objecten niet altijd goed waarneembaar zijn, de (goede) belichting, lichtvervuiling, ... meestal een probleem is, ... zijn er vaak speciale technieken en extra onderdelen voor de camera nodig om aan astrofotografie te doen. Zie ook "Takken van de fotografie" Meer


    ~ B ~

    Batterij : Energiebron, voeding voor de camera. zie ook Accu
    Beeldformaat: De techniek waarop de digitale foto elektronisch opgeslagen wordt, bv. JPEG (meestgebruikte beeldformaat), TIFF, BMP, GIF, …
    Beeldstabilisatie : Anti-Shake, technologie waarmee de lens bewegingen zoals trillingen, schudden, ... kan detecteren en compenseren/corrigeren.
    Belichting : Het toelaten van een bepaalde hoeveelheid licht op de beeldsensor gedurende een bepaalde tijd. De belichting wordt bepaald door de combinatie van diafragma en sluitertijd. Hoe meer licht de sensor bereikt, hoe helderder het beeld. Wanneer er te veel licht op de sensor valt, is het resultaat een "overbelichte" opname, bij te weinig licht is het resultaat "onderbelicht".
    Belichtingstijd : De tijdsduur die beschrijft hoelang de lichtgevoelige chip/sensor blootgesteld wordt aan het licht. Zie ook Sluitertijd.
    Belichtingscompensatie : De instelling waarmee je de automatisch berekende belichting(swaarde) kan aanpassen (verhogen of verlagen). Zie Belichtingswaarde
    Belichtingswaarde = exposure value, uitgedrukt in EV, waarbij EV 0.0 de automatisch berekende belichting voorstelt.
    Bewegingsonscherpte : Verschijnsel dat onderwerpen op de foto onscherp zijn t.g.v. beweging van het onderwerp en/of de camera. Dit treedt vaak op doordat er een te lange sluitertijd is gekozen en kan opgelost worden door een kortere sluitertijd te kiezen of een statief te gebruiken. Bewegingsonscherpte is meestal ongewild/ongewenst, maar kan ook een bewuste keuze van de fotograaf zijn, om een speciaal effect te creren. Meer.
    Bokeh : Een beschrijving van (de esthetische kwaliteit van) het onscherpe gebied in een foto. Een goede bokeh wil zeggen dat de onscherpe voorgrond en/of achtergrond van een foto, mooi weergegeven is. Meer
    Bouncen : Indirect flitsen, de flitser wordt niet rechtstreeks op het onderwerp gericht, maar op een reflecterend vlak, bv. muur, spiegel, plafond. Dit resulteert in een foto met zachtere schaduwen en meer diepgang. Ook kan je zo "rode ogen" helpen voorkomen, omdat de flits niet direct in de ogen van een persoon, dier valt.
    Brandpunt : punt waarin het licht, gebogen door de lens, samenkomt.
    Brandpuntafstand : de afstand tussen het (optische) midden van de lens en het brandpunt (punt op de beeldsensor waarin het licht, gebogen door de lens, samenkomt), uitgedrukt in mm. Men spreekt dan over een groothoeklens. Hoe langer de brandpuntsafstanden, hoe kleiner de beeldhoeken, men spreekt dan over telelenzen. Kortere brandpuntafstanden geven grotere beeldhoeken, dit zijn groothoeklenzen. Meer
    Burst-modus = continu modus : modus waarbij je met de camera een aaneengesloten reeks foto's kan schieten, bv. bij sport.


    ~ C ~

    CCD chip/sensor : Charged-Coupled Device-sensor: een chip (sensor) uit lichtgevoelige receptoren opgebouwd is. De informatie die deze lichtgevoelige chip -die gebruikt wordt in digitale camera's ipv de lichtgevoelige filmpjes bij analoge toestellen- ontvangt, wordt door software in de camera omgezet tot een digitaal beeldbestand, bestaande uit pixels. De chip "vertaalt" de lichtstralen naar digitale informatie, die door de camera verwerkt kan worden om de afbeelding te verkrijgen. De CCD-chip of beeldsensor is het hart is van de (meeste) digitale camera's.
    Chromatische aberratie : Optische (kleur)fout van de lens die ontstaat doordat licht van verschillende golflengten niet op dezelfde manier wordt afgebogen. Op de foto ziet het er uit als een kleurrandje (meestal paars, vandaar ook de term "purple fringing") op contrastrijke overgangen, bv. tak-lucht. Voorbeeld
    Close up : een specifiek (deel van het) onderwerp wordt zeer sterk naar voor gehaald/op ingezoomd.
    CMOS sensor : Complementary Metal Oxyde Semi-conductor, Licht-gevoelige chip die gebruikt wordt in digitale camera's. Een CMOS chop levert betere prestaties dan een CCD chip, maar is minder gangbaar. Zie ook CCD chip.
    Compositie : De verhouding tussen de verschillende elementen binnen het beeld/de foto, tov elkaar en tov. het beeldkader.
    Compressie : Samendrukken van informatie meestal met als doel opslagruimte te besparen. Dit betekent kwaliteitsverlies, maar daarom niet altijd ook merkbaar. Hoe lager de compressiefactor, hoe minder kwaliteitsverlies. Bij dig. fotografie kan een beeld in een kleiner bestand opgeslagen (of omgezet) worden dan eigenlijk nodig zou zijn op basis van de data die uit de sensor komt, bv. opslaan als JPEG ipv .RAW. Voordeel is dat het bestand minder ruimte op het geheugenkaartje inneemt, terwijl de resolutie toch hetzelfde blijft. Filmpje
    Contrast : Het (toon)verschil in tegenstellingen, bv. tussen licht en donker of tussen 2 kleuren. De verhoudingen tussen donkere en lichte elementen in het beeld/de foto. Bij foto's met een "hoog contrast" is er een abrupte overgang tussen lichte en donkere delen, wat de foto vaak "hard" doet overkomen. Bij foto's met een "laag contrast" is er een veel graduelere, subtiele overgang tussen licht-donker, waardoor het geheel een "zachtere" indruk geeft. Meer
    Contrastdoortekening : De mate waarin op lichte of donkere delen van een beeld/foto nog details zichtbaar/te onderscheiden zijn.
    Copyright : Auteursrecht, het recht van de maker van een werk om te bepalen waar, wanneer, hoe, ... zijn werk, foto, ... wordt vermenigvuldigd, gepubliceerd. Dit recht geldt automatisch bij het maken van een werk. Meer
    Croppen : Het bijsnijden van de foto, bv. het gewenste deel van de foto uitsnijden mbv. een fotobewerkprogramma.


    ~ D ~

    Desaturatie: het naar omlaag brengen van de kleurverzadiging in een foto. Hierdoor kunnen de kleuren minder uitgesproken gemaakt worden, en zelfs tot grijswaarden herleid worden (zwart-wit foto effect).
    Diafragma = Aperture : De grootte van de opening waardoor het licht bij digitale camera's op de beeldsensor (bij analoge camera's : de film) valt. Het diafragma bestaat uit een aantal cirkelvormig opgestelde lamellen die over elkaar schuiven/elkaar overlappen en zodoende de hoeveelheid licht bepalen die door de lens valt. Hoe kleiner de opening, hoe minder licht er per tijdseenheid op de sensor valt. De grootte van de opening wordt uitgedrukt met een f-getal, bv. f/2.8. Hoe kleiner het diafragma, hoe groter dit f/ getal en hoe lichtsterker (en sneller) de lens.
    Digitale Zoom : Functie op de camera om een afbeelding uit te vergroten. Digitale zoom wordt ook wel eens "schijnzoom" genoemd, omdat er in feite "gecropped" wordt : het toestel neemt een stukje uit de foto en vergroot dat tot wat je op je beeld te zien krijgt. De resolutie van de foto neemt evenredig af met het aantal keer dat er digitaal ingezoomd wordt. De beschikbare pixels worden dus uitgerekt, waarbij de kwaliteit van het beeld achteruit gaat. Dit in tegenstelling tot "optische zoom", waarbij het voorwerp dichterbij wordt gehaald door de camera en er geen kwaliteits verlies optreedt. Als je een camera gaat kopen, moet je dus kijken naar (het getal van) de optische zoom !
    DOF (Depht of Field) zie Scherptediepte.
    DPI =Dots Per Inch: het aantal puntjes per inch (2,54mm). Hoe hoger de DPI (dus hoe meer puntjes per inch), hoe beter de kwaliteit. Dit is belangrijk om weten bij het afdrukken van digitale foto's. Meer
    DSLR (Digital Single Lens Reflex camera) = Digitale spiegelreflexcamera : Een digitaal fototoestel waarbij de lens (het objectief) gewisseld kan worden.


    ~ E ~

    EXIF = Exchangeable Image File : extra informatie, zoals opnamedatum/-uur, technische gegevens van de camera, sluitertijd, diafragmagetal, ... die in het beeldbestand beschreven/opgslagen wordt. Met hulp van deze info kan je bv. achteraf "leren", te weten komen waarom een foto gelukt of mislukt is. Meer
    Exposure priority = Belichtingsvoorkeur : Opname-modus van het fototoestel, waarbij een specifieke voorkeur in belichting ingesteld kan worden.


    ~ F ~

    F-getal = diafragma(waarde)getal : Dit is het getal dat men bekomt door de brandpuntsafstand (f) te delen door de diameter van het diafragma (D). Hoe groter het getal, hoe kleiner de opening van het diafragme, hoe minder licht er op de beeldsensor valt. Zie ook Diafragma. Meer
    Filter: Op de camera: een glazen element dat vooraan op de lens gedraaid kan worden en waarmee een bepaald soort licht uitgefilterd kan worden, bv. UV-filter. Het kan ook dienst doen om krassen op de (voorste) lens te helpen vorkomen. Filters bij fotobewerksoftware: het toepassen van bepaalde effecten, bv. verscherpen, blurren/vervagen, neon gloed, penseelstreken, ...
    Flashgeheugen : zie Geheugenkaartje
    Flitser = flash : De meeste digitale camera's beschikken over een ingebouwde flitser. Bij geavanceerde toetsellen is er ook een "flitsschoentje" voorzien om een extra (externe) flitser aan te sluiten en gebruiken, bv. wanneer de ingebouwde niet volstaat.
    Flitsbereik : Het maximale bereik waarbij een foto nog juist wordt belicht. Gemiddeld is deze afstand 4m.
    Flitsschoen = Flash shoe/Hot shoe : bevestigingsslede dat aanwezig is op sommige camera's, bestemd voor een (externe) flitser.
    Focuslengte : De wijze waarop de lens is ingesteld (closeup vs. groothoek, ingezoomd vs. uitgezoomd).
    Fotografie : De term is afgeleid van het Grieks (φωτος phootos en γραφειν graphein) en betekent letterlijk "schrijven met licht". Bij "digitale fotografie" (fotografie m.b.v. een digitale camera), wordt geen gebruik gemaakt van een lichtgevoelige film, zoals bij de "klassieke" (analoge) fotografie, maar van een lichtsensor. Het verder opslaan van de foto's gebeurt meestal op een geheugenkaartje. Meer


    ~ G ~

    Geheugenkaartje: opslagmedium van de digitale camera. Er zijn verschillende types geheugenkaartjes. Het wschl. bestgekende en meestgebruikte type is een SD-geheugenkaartje (SecureDigital), andere standaarden zijn o.a.: xD (ontwikkeld en meestal gebruikt bij Fuji en Olympus), MMC (MultiMedia Card), MS (MemoryStick-geheugenkaartje, ontwikkeld en gebruikt door Sony), MS Duo (kleinere, moderne versie van MS), ...
    Geheugenkaartjes zijn verder ook te onderscheiden aan de opslagcapaciteit en snelheid waarmee ze informatie opslaan. In principe kan gezegd worden: hoe groter de opslagcapaciteit, hoe beter (geen verwisselen van kaartjes wanneer je veel foto's moet nemen of nog niet overgezette foto's moeten wissen om er nog bij op te krijgen). Afh. van je instellingen (aantal MP, .raw of .jpeg, flits gebruikt,... ) kan de grootte van 1 bestand (dig. foto) verschillen. Wanneer je een 8 MP camera-instelling gebruikt met flits, kan een foto bv. 3,5 MB zijn. Er raken dus minder foto's op een geheugenkaartje met eenzelfde capaciteit als bv. met een 3 MP camera. Meer

    [table="head"] Opslagcapaciteit | 2 MP cam. | 3 MP cam. | 4 MP cam. | 5 MP cam. | 6 MP cam. | 7 MP cam. | 8 MP cam.
    64 MB | 71 foto's | 53 | 32 | 25 | 20 | 16 | 14
    128 MB | 142 | 106 | 64 | 51 | 40 | 33 | 29
    256 MB | 283 | 211 | 122 | 101 | 80 | 66 |58
    512 MB | 565 | 420 | 243 | 200 | 160 | 132 | 116
    1 GB | 1090 | 610 | 420 | 350 | 320 | 264 | 232
    2 GB | 2180 | 1220 | 830 | 700 | 640 | 527 | 464 |
    [/table]
    Tabel 2 : aantal foto's die gemiddeld op geheugenkaartjes met verschillende opslagcapaciteit raken, bij de versch. cameratypes (ingedeeld op aantal MP)

    Groothoeklens : Men spreekt van een groothoeklens wanneer de brandpuntafstand van de lens kleiner is dan 50 mm (50 mm is vergelijkbaar met het menselijk ook, als de brandpunt afstand groter is dan 50 mm, spreekt men van een telelens)
    Gulden Snede : Wiskundige formule, belangrijk voor de evenwichtsleer, die meer dan 2000 jaar geleden uitgedacht werd door de Grieken. Zij ontdekten dat objecten esthetisch die voldoen aan de regels van de Gulden Snede, meer in harmonie zijn en als aangenamer beschouwd worden. (Zie ook deeltje "Regels en Richtlijnen")


    ~ H ~

    Histogram : Een grafische weergave van de verdeling van de helderheid van een foto. In fotobewerkpogr. kan deze bekeken (Photoshop: Windows > histogram) en vaak nog wat aangepast (PS: Image > Adjustments > Levels) worden om de helderheid te verbeteren/corrigeren. Een histogram gaat van waarde 0 (zwart) t/m 255 (wit). 0 is zwart, alles daartussen zijn grijswaarden. Als het histogram van een foto links meer pieken vertoont dan rechts, staan er veel donkere kleurwaarden op een foto, wat een signaal kan zijn voor onderbelichting. Veel pieken aan de rechterkant, kan op overbelichting wijzen.
    Hyperfocal Point : het punt waar je op moet scherpstellen om de maximale scherptediepte te creren. Meer


    ~ I ~

    Imagetank : Mobiele hardeschijf waar je de data van je geheugenkaartje op kan overzetten, zodat je deze kan legen en opnieuw gebruiken voor het nemen van nieuwe foto's . Een imagetank beschikt over een aantal gleuven voor (versch. soorten) geheugenkaarten voor rechtstreekse overzetting van de data, en een eigen accu. Sommige imagetanks hebben ook een "previewscherm" waarop de foto's al bekeken kunnen worden. Meer
    Invulflits : Wanneer de flitser gebruikt wordt om het onderwerp (extra) te belichten om ervoor te zorgen dat het niet als een te donkere schim op de foto staat, bv. bij een felle achtergrond/tegenlicht (zon achter onderwerp). Meer
    IS (Image Stabilization), zie Beeldstabilisatie
    ISO (International Standardisation Organisation) : Standaard die de lichtgevoeligheid van de beeldsensor van de digitale camera weergeeft. ISO 100 of ISO 200 is de meest gebruikte instelling. Hoe hoger de gebruikte ISO-waarde, hoe minder licht de camera nodig heeft (kortere sluitertijd en/of kleiner diafragma). Het risico op ruisvorming wordt echter ook groter door oa. de minder goede kleurnauwkeurigheid.


    ~ J ~

    JPEG: afkorting van "Joint Photographic Experts Group", een compressietechniek voor beeldbestanden. Elke keer een JPEG-beeld geopend en bewerkt wordt, wordt het opnieuw gecomprimeerd, waardoor er informatie verloren gaat. Het is daarom beter te werken in TIFF en het beeld uiteindelijk op te slaan als JPEG. Meer


    ~ K ~

    Kikvorsperspectief: Een foto vanuit kikvorsperspectief wordt getrokken vanuit een gezichtspunt/standpunt (al dan niet ver) beneden normale ooghoogte. Het onderwerp van de foto zich hoger dan de maker van de foto. Hierdoor komt het onderwerp imposanter over. Zie ook hoofdstuk "Compositie". Voorbeeld
    Kleurtemperatuur : Kleur van licht, uitgedrukt in graden Kelvin. Daglicht komt overeen met ong. 6500 Kelvin, licht bij zonsop-/zonsondergang met 2800 K, en kaarslicht met ong. 1200 K. De kleurtemperatuur kan gewijzigd worden door filters te gebruiken.Meer
    Kleurzweem: Gekleurde schijn/waas, laagje dat op een foto aanwezig lijkt, alsof de foto bekeken wordt door een gekleurde bril. Zo hebben foto's in kunstlicht-situaties vaak de neiging een gelig te zijn. Ook foto's van onderwater en in de bergen, kunnen onder bepaalde omstandigheden een kleurzweem vertonen. Toch zag je zelf deze zweem niet in in werkelijkheid. Dit komt omdat een camera de werkelijke kleur van het licht ziet, en het flexibelere menselijk oog niet. Vaak wordt kleurzweem als storend/ongewenst beschouwd, maar het kan ook bijdragen aan een bepaalde sfeer. Voorbeeld.


    ~ L ~

    LCD : Liquid Crystal Display, schermpje op de digitale camera, waarop afbeeldingen (genomen foto's, instellingenvenster, ...) weergegeven kunnen worden.
    Lens : De lens is een transparant, meestal glazen cirkelvormige onderdeel, dat zich aan de voorzijde van de camera bevindt. De lens heeft aan weerzijden een gekromd onderdeel (bol of hol) waardoor de lichtstralen gebogen/gebroken worden. De belangrijkste kenmerken waarin lenzen zich onderscheiden, zijn brandpuntafstand en lichtsterkte. Er zijn lenzen met een vaste brandpuntafstand, en lenzen met een variabele brandpuntafstand (zoomlenzen). Een "lichtsterke lens" is een lens waarbij max. diafragma-opening zo groot mogelijk is. Zo kan er door een lens van 70mm meer licht door, dan een lens van 30mm. Voorbeeld : een lens met de kenmereken 50mm f/2.8 heeft een vaste brandpuntsafstand (50mm) en een maximale lensopening van f/2.8. Het is bij de keuze van een camera belangrijker te kijken naar de eigenschappen/kwaliteit van de lens, dan naar het aantal MP's.
    Bij reflexcamera's kan de lens vervangen worden, en kan je afhankelijk van waarvoor het gebruikt gaat worden, een lichtsterkere lens kiezen om te gebruiken, of een lens met een ander brandpuntbereik enz... : een afzonderlijke groothoeklens, telelens, zoomlens, macrolens, fish-eye lens, ... Bij compactcamera's is dit niet het geval, deze bevatten een "vaste" (niet verwisselbare) lens (met evtl. wel zoomcapaciteit, eigenschappen van een telelens, ...). Er zijn ook voorzetlenzen op de markt die op bepaalde compact-/bridgecamera's gebruikt kunnen worden om de functionaliteit uit te breiden, bv. een voorschuif-macrolens. Meer, meer, afbeelding
    Lens Flare : vlekken op de foto veroorzaakt door de weerkaatsing van een lichtbron (bv. zon) op de lens. Lens flare ontstaat door de reflectie's aan de lucht/glas overgangen in een lenzenstelsel. De vlekken kunnen verschillende kleuren en vormen aannemen : vlekken in de kleuren van de regenboog, witte vlekken, ... Het verschijnsel komt sneller voor bij zoomlenzen/zoomcamera's dan bij niet-zoomlenzen owv de complexere lens. Een zonnekap kan het helpen voorkomen. Soms is een lens flare niet ongewenst, en dient het als special effect. afbeelding
    Luchtfotografie : fotograferen vanuit de lucht, bv. vanuit een luchtballon, helicopter, vliegtuig, parachute, ... Bij gebruik van een heel hoog statief, of foto's genomen vanuit een toren of ander hoog gebouw, spreekt men van hoogtefotografie. Zie ook hoofdstuk Takken van de fotografie. Meer, voorbeeld


    ~ M ~

    Macrofotografie : fotografie waarbij het genomen beeld even groot of groter is, dan dat het in werkelijk groot is. Een Macrofoto is niet hetzelfde als een close-up, maar omdat de "Macro-stand" op veel digitale camera's eerder een close-up functie (om dichtbij te fotograferen) is, worden close-ups soms ook onder deze categorie geplaatst. Bij een macrofoto is het niet de afstand tot het voorwerp die bepalend is, maar de afbeeldingsmaatstaf (vergrotingsmaatstaf), de verhouding tussen de ware grote van het beeld en de weergave ervan op de lens. Bij macrofotografe is die vergrotingsmaatstaf gelijk aan of groter dan 1:1. Zie ook "Takken van de fotografie"
    Manuele Focus, het scherpstelling gebeurt niet automatisch (AF, AutoFocus), maar handmatig. Dit kan van pas komen als de autofocus te traag gebeurt, of vaak verkeerd zit, wat bv. het geval kan zijn wanneer de onderwerpen sterk in beweging zijn.
    Masker: optie/techniek in fotobewerksoftware om een gedeelte van een foto af te dekken, waardoor enkel dit deel bewerkt kan worden, of beschermd wordt tegen manupilatie/bewerkingen.
    Megapixel (MP) : Zie ook Pixel. De resolutie van een digitale camera wordt vaak aangegeven in megapixels. 1 MP = 1 miljoen pixels. Het voordeel van veel megapixels is dat je een foto groter (bv. posterformaat) kunt afdrukken , of uitsneden kunt maken van een foto (detailscherpte). Een nadeel van veel megapixels, is dat het beeldruis kan toenemen, en een foto ook meer plaats zal innemen op het geheugenkaartje, de harde schijf van de pc, ... (grotere bestandsgrootte). Een goede lens is veel belangrijker voor de scherpte, kwaliteit van de foto, dan het aantal megapixels! Meer

    [table="head"] Aantal MP | Beeldresolutie camera (72 dpi) | Print (B x H bij 150 dpi) | Print (B x H bij 300 dpi)

    0,3 |640 x 480 px |10,8 x 8,1 cm |5,4 x 4,1 cm
    3,0 |2048 x 1536 px |27 x 20,3 cm |13,6 x 10,2 cm
    5,0 |2560 x 1920 px |43,4 x 32,5 cm |21,7 x 16,3 cm
    6,0 |2816 x 2112 px |47,7 x 35,8 cm |23,8 x 17,9 cm
    7,0 |3072 x 2304 px |52 x 39 cm |26 x 19,5 cm
    8,0 |3264 x 2448 px |55,3 x 41,5 cm |27,6 x 20,7 cm
    [/table]
    Tabel 1: Verhoudingen tussen het aantal MegaPixels/resolutie en het standaardformaat waarop een foto probleemloos afgedrukt kan worden.

    MF : Zie Manuele Focus
    MP : Zie MegaPixel


    ~ N ~

    Natuurfotografie : Tak van de fotografie met "de natuur" (planten, dieren, natuurlandschappen, onderwaterwereld, ...) als onderwerp. Zie ook "Takken van de fotografie".
    Noise : zie "Ruis"


    ~ O ~

    Objectief: lens (of combinatie van lenzen/lenzensysteem). Zie ook Lens Meer
    Onderbelichting: Opname waarbij te weinig licht voohanden/gebruikt is, waardoor details moeilijk te onderscheiden zijn. Voorbeeld
    Onderwaterfotografie: Fotografie onder water, met speciaal hiervoor uitgeruste camera's. Zie ook hoofdstuk "Takken van de fotografie"Meer
    Optische zoom: Zoom waarbij dmv. beweegbare lensdelen het te fotograferen onderwerp dichterbij worden gehaald, znder kwaliteitsverlies (resolutie neemt niet af) i.t.t. "digitale zoom" (schijnzoom), waarbij het onderwerp vergroot wordt ten koste van de resolutie/kwaliteit. Optische zoom is dus waar je op moet letten bij aankoop van een digitale camera, niet de digitale zoom!! Zie ook Digitale zoom.
    Overbelichting: Opname waarbij te veel licht door de lens gelaten werd, waardoor de foto "bleek" wordt en er weinig details te zien zijn. Voorbeeld


    ~ P ~

    Pannen: Techniek die vooral bij "actiefotografie" gebruikt wordt, om de suggestie van "beweging" te creren (m.n. door de "gestreepte", wazige achtergrond). Bij pannen wordt de camera "meebewogen" (op dezelfde horizontale/verticale lijn) met het (bewegende) onderwerp, Bv. bij wielrenner, F1-wagen, jogger, ... Dit vergt wat oefening om goed onder de knie te krijgen. Zie hoofdstuk Sport-/Actiefotografie. Voorbeeld
    Pixel = Beeldpunt : Samentrekking van het Engelse picture element. Een pixel is het kleinste element waaruit een digitale foto is opgebouwd, een enkel punt (dot), blokje in een digitaal beeld (of op een beeldscherm). Het aantal pixels is bepalend voor de "resolutie". Een digitaal fototostel dat een foto met een resolutie van 1280 x 960 pixels produceert, is een 1.3 MP camera (1280x960 = 1.228.800). Afbeelding


    ~ R ~

    RAW: Formaat voor het opslaan van foto's. De mogelijkheid om "in .raw" (ruw, onbewerkt) te fotograferen, is meestal beperkt tot de spiegelreflexcamera en de wat geavanceerdere halfautomatische of bridge camera. Een bestand in RAW formaat moet nog omgezet worden naar een TIFF of JPEG, vooraleer het gebruikt kan worden. Hierdoor heb je in de nabewerking veel vrijheid. Het is een soort electronisch "negatief", dat de date bevat die de sensor aflevert, zonder compressie, correctie, ... Raw bestanden zijn dat ook groter dan fotobestanden genomen in het JPEG formaat: je geheugenkaart raakt sneller vol. Omdat het RAW formaat afhankelijk is van de sensorconstructie, levert iedere leverancier zijn RAW formaat, en heeft men dus een speciale "RAW viewer" nodig op de pc. Meer, meer, Meer
    Resolutie: het aantal pixels van de lichtgevoelige chip (CCD). Hoe hoger de resolutie, hoe meer detail (scherpte) het beeld bevat.
    Ruis: Korreligheid, afwijkend gekleurde pixels/beeldpunten in de foto (eerder in donklere delen, schaduw, ...), zie ook deel Veelvoorkomende problemen. Voorbeeld


    ~ S ~

    SLR: (analoge) spiegelreflexcamera
    Scherptediepte = D.O.F (Depth of Field): Het verschijnsel dat voorwerpen die dichter bij of verder weg liggen dan het voorwerp waarop scherpgesteld is, onscherp weergegeven worden. Factoren die de scherptediepte bepalen : grootte van diafragma-opening, afstand tot het scherpstelpunt en de brandpuntsafstand van de lens de factoren die de scherptediepte bepalen. Meer
    Sensor: Zie Beeldsensor
    Shutterlag = Sluitertijdvertraging. De tijd die verstrijkt tussen het indrukken van de ontspannerknop en het daadwerkelijk opnemen van het beeld door de beeldsensor. In die tijd gaat de camera scherpstellen, de belichting en kleurentemperatuur meten. Bij bepaalde camera's kan op voorhand scherpgesteld worden, de belichting gemeten worden, ... hiervoor moet de ontspanner half ingedruktworden. Dit kan een merkbaar verschil geven bij actiefotografie.
    Statief: Voorwerp waarop de camera gemonteerd kan worden om hem trillingsvrij te ondersteunen. Dit kan van belang zijn wanneer er een lange sluitertijd gebruikt wordt (vuurwerk, ...). Statieven zijn in alle maten en uitvoeringen te verkrijgen, bv. tripod (driepootstatief), monopod (eenbeensstatief, minder zwaar en groot, maar ook minder stabiel). Meer, meer


    ~ T ~

    Telelens: lens met een kleine beeldhoek, maar lange brandpuntsafstand waardoor ze grote afstanden kan overbruggen. Omdat telelenzen het beeld niet of nauwelijks vertekenen, zijn ze ook erg geschikt voor het maken van close-ups (bv. van gezichten). Omdat telelenzen doorgaans groot en zwaar zijn, neemt de kans op trilling (bewegingssonscherpte) echter toe.


    ~ V ~

    Vignettering := lichtafval: het afnemen van de helderheid in de hoeken van een foto, ten opzichte van het midden. Dit kan het gevolg zijn van bv. het gebruik van een te lange/nauwe zonnekap, maa kan ook bewust gebruikt worden bv. owv het speciale effect. Voorbeeld
    Vogelperspectief : inname van een hoog camerastandpunt, de foto wordt genomen vanuit een standpunt (al dan niet ver) boven normale ooghoogte. Voorbeeld


    ~ W ~

    Watermerk : zichtbare of onzichtbare afbeelding of tekst op bv. een foto/afbeelding met als doel het auteursrecht van de eigenaar te beschermen. Meer
    Witbalans : Witbalans compenseert de kleurtemperatuur van de omgeving, zodat kleuren exact worden weergegeven. Meer


    ~ Z ~

    Zoeker: Venstertje/display op de achterkant van de camera, waardoor je ziet wat er gefotografeerd wordt. Er bestaan optische zoekers (met spiegels) en elektronische (LCD).
    Zonnekap : beschermende kap die over de lens geplaatst kan worden, om te voorkomen dat er (schuininvallend) (zon)licht ongewenst in de lens valt. Hierdoor kan "lens flare" voorkomen worden. Een te lange of te nauwe zonnekap, kan dan weer "vignettering" veroorzaken. Zie ook Lens flare en Vignettering. Afbeelding
    Zoom(lens) : lens met een variabele/instelbare brandpuntafstand. Hierdoor kan het onderwerp (binnen bepaalde grenzen) beeldvullend weergegeven worden. Meer




    [​IMG]
    ..Illustratie begrip "pixel"



    [/hand]
     
  3. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]



    3. ENKELE BELANGRIJKE INSTELLINGEN



    1. [linkje]Instellingen[/linkje]
      • Sluitertijd
      • Diafragma
      • ISO
      • Witbalans
    2. [linkje]Programmakeuzes/scnes[/linkje]
      • M (Manuele modus)
      • S (Sluitertijdvoorkeuze)
      • A (diafragma voorkeuze)
      • P (Programma-modus)
      • Verdere programma's



    3.1. INSTELLINGEN


    Op het moment dat we een foto maken, valt er licht door de lens op de sensor (digitaal) of het filmpje (analoog). De manier waarop dit licht op de sensor valt, wordt benvloed door 3 variabelen:
    • Diafragma
    • Sluitertijd
    • ISO waarde
    Hiermee kunnen we dus de eigenschappen van de uiteindelijke foto benvloeden!




    3.1.1. Sluitertijd (shutterspeed)


    Theorie

    De sluiter is een schermpje tussen de lens en de sensor (digitale camera) of filmpje (analoge camera) dat open gaat om licht door te laten.
    De sluitertijd of shutterspeed (Eng.) is de tijd dat de sluiter open blijft staan om de sensor (digitaal) of het filmpje (analoog) te belichten.
    • Hoe langer open = hoe langer de sensor/het filmpje belicht wordt = hoe lichter de foto. Een voorbeeld van een (relatief) lange sluitertijd is 1/4s (een vierde seconde):
    • Hoe korter de sluitertijd, hoe kleiner de sluiter (= hoe sneller de foto gemaakt is). Met een kortere sluitertijd kan je bewegende objecten stilstaand (bevroren) op de foto krijgen. Een voorbeeld van een (relatief) korte sluitertijd is 1/800s


    Praktijk: Spelen met sluitertijd

    Sluitertijden kunnen gebruikt worden om bv.
    • een gevoel van beweging in de foto te creren --> Een (heel) lange resulteert in de suggestie van beweging. Een zeer korte sluitertijd brengt een "freeze".
    • extra belichting te creren ---> lange sluitertijd = langer belicht
    De langste sluitertijd op dit moment is 6 maanden! Hier meer info over dit experiment.
    Met sluitertijd moet je echter ook oppassen dat je niet een te korte of een te lange sluitertijd gebruikt. Een te korte sluitertijd kan de foto te donker (onderbelicht) maken, terwijl je met een te lange sluitertijd kans maakt op overbelichte (te lichte) en ook wazige foto's.


    Illustratie:

    korte sluitertijd (links) vs. lange sluitertijd (rechts)

    [​IMG] .. [​IMG]

    [​IMG] .. [​IMG]




    3.1.2. Diafragma (aperture)


    Het diafragma bepaalt :
    - de hoeveelheid licht
    - de scherptediepte



    Theorie


    Uitzicht

    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/diafr_bond.jpg[/IMGl] .... Het diafragma wordt gevormd door verstelbare metalen lamellen die over elkaar schuiven, vergelijkbaar
    .... met de intro van James Bond. ;-)
    .... Als de lamellen naar elkaar toeschuiven, wordt het gaatje kleiner, en kan er minder licht door.
    .... Dit mechanisme kan automatisch gestuurd worden vanuit de camera, maar kan ook handmatig bediend worden.



    Functie

    Het diafragma is een van de drie belangrijkste onderdelen/variabelen waarmee benvloed kan worden hoe een foto er uit komt te zien.

    1) Het is het onderdeel van de camera dat mee bepaalt hoeveel licht de sensor (bij analoge toestellen: het filmpje) bereikt. Je kan hierbij de vergelijking maken met het menselijk oog: Als je in een lichtbron kijkt, trekt de iris van je ogen samen en wordt de pupil (het gaatje dat licht doorlaat) kleiner. In het schemer gebeurt het tegenovergestelde: de pupillen worden groter. Op deze manier wordt er voor gezorgd, dat de ogen steeds ongeveer dezelfde hoeveelheid licht binnenlaten.
    In de fotografie gebeurt iets soortgelijks: Als er teveel licht is, zorgen we ervoor dat diafragma-opening verkleind wordt. Als er te weinig licht, kan ingesteld worden om meer licht door te laten door de opening groter te maken.

    2) Je kan er dmv de diafragma-opening voor zorgen, dat de achtergrond van de foto mee scherp is (veel "scherptediepte" (DoF)), of juist onscherp/wazig (weinig scherptediepte). Daarnaast kan je er ook de snelheid van trekken (sluitertijd : de tijd dat de sluiter opengaat om licht door te laten) mee benvloeden of manipuleren. Hoe kleiner de lens-/diafragmaopening (opening waar het licht doorkomt), hoe langer het duurt.


    Werking van het diafragma:

    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/aperture.gif[/IMGl] ... Hoe lager de f-waarde, hoe groter de opening van het diafragma.
    ...... Bijgevolg:
    ... - Hoe meer licht op de sensor (= hoe lichter de foto bij dez. overige instellingen)
    ... - Hoe langer de sluitertijd
    ........ (want: hoe meer open, hoe langer het duurt eer het diafr. helemaal dicht is)
    ... - Hoe minder scherptediepte (= wazigere, onscherpere achtergrond)
    ... - Hoe meer kans op bewegingsonscherpte
    ........ (want: langer stilhouden --> anti-shake inschakelen of statief/vaste ondergrond gebruiken.

    Bron afb.: Webpalet


    Diafragmawaarden:

    Bij een compactcamera is f/8 meestal de hoogste waarde, dus het kleinste diafragma. Bij een reflexcamera spreekt men van een klein diafragma vanaf rond de f/10. f/22 is een erg klein diafragma.


    Zie ook de Woordenlijst voor verdere info.



    Praktijk: Spelen met diafragma(waarden)


    Scherptediepte

    Scherptediepte = aanduiding van het gebied waarin de onderwerpen scherp worden weergegeven. Wanneer het onderwerp scherp is, maar de achtergrond onscherp, spreekt men van een kleine scherptediepte. De scherptediepte is afhankelijk van het diafragma (zie theorie) (en brandpunt-afstand).


    Illustraties scherptediepte vs. diafragma-waarde (f-getal)

    [​IMG]..[​IMG]

    links : f-getal = 8
    [rechts: f-getal = 2,8




    [​IMG] [​IMG]

    links: f-getal : 8
    rechts : f-getal : 3,6



    Zo kan je dus dmv. van je diafragma(waarde), de scherptediepte in de foto regelen.
    Zie ook Terminologie/woordenlijst en onderdeel A-stand (Diafragma-voorkeuze)




    Waarom/nut ?

    Kleine scherptediepte : onderwerp onscherp, omgeving/achtergrond onscherp.
    Door het creren van een kleinere scherptediepte (minder scherpe achtergrond) kan je ahw het onderwerp "isoleren" van de achtergrond, waardoor het beter tot z'n recht komt. Bv. bij storende achtergrond die het geheel wat druk maakt en de aandacht afleidt van het "onderwerp"/voorgrond :

    [​IMG] [​IMG]
    duidelijkere foto' zoeken

    Een grotere scherptediepte (hoog f-getal) kan dan weer dienen voor bv. landschappen waarbij je de achtergrond ook nog scherp wilt houden : zo veel mogelijk zo scherp/duidelijk mogelijk weergeven.



    3.1.3. ISO (lichtgevoeligheid)


    Theorie
    in aanmaak
    ...


    Praktijk
    in aanmaak
    ...




    3.1.4. Witbalans


    Theorie

    Het menselijk oog kan zich goed aanpassen aan variabele lichtomstandigheden (zonlicht, bewolkt (diffuus) licht, kunstlicht, kaarslicht, TL-licht, neonlicht, ...), voor camera's ligt dat wat moeilijker. Witbalans is een kleurcorrectie-instelling, ingevoerd om camera's met deze variabele lichtomstandigheden om te kunnen laten gaan.
    Met de instelling "automatische witbalans", die op de meeste digitale camera's aanwezig is, corrigeert de camera automatisch de kleurtemperatuur. Dit gebeurt door te kijken naar de gehele kleurverhouding van het beeld, en daar dan de witbalans op toe te passen. Maar, zeker bij halfautomatische camera's, is ook de mogelijkheid beschikbaar om handmatig of aanhand van een anatal presets de instelling voor de witbalans bij te stellen al naargelang de licht- (weers-) omstandigheden. Hiermee kan je handmatig corrigeren, maar ook creatieve effecten bereiken door de witbalans bij te stellen door bijvoorbeeld te kiezen voor een foute instelling, waarmee je dan bv. een "gele" foto kan maken die er "warm" uitziet, of een "blauwe" die er "koud" uitziet. Meer


    Praktijk
    in aanmaak
    ...






    3.2. PROGRAMMA-KEUZES/scnes


    Camerastanden



    3.2.1. P-programma


    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/P-stand.jpg[/IMGl] Wat
    Bij deze camerastand kan je zelf de belichting helemaal naar keuze instellen. Zo kan je een foto over- of onderbelichten. Daarnaast kan je een andere witbalans instellen. De sluitertijd en het diafragma worden bij deze stand automatisch ingesteld, ahv beeldcontrast, autofocusinformatie,... en dit volgens een fabrikantspecifieke bibliotheek.



    Praktijk
    in aanmaak
    ...




    3.2.2. S-programma


    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/S-stand.jpg[/IMGl] Wat
    Bij deze camerastand moet je zelf een sluitertijd instellen. Het diafragma (lensopening) wordt automatisch daarop aangepast om de foto goed te belichten. Ook wel aangegeven als "Tv-stand" (Time value) of Shooting mode.

    Praktijk
    De S-modus (sluitervoorkeuze) is uitermate geschikt om actiefoto's te maken, aangezien je controle hebt over de bewegingsonscherpte: je kan zelf kiezen of je je onderwerp a.h.w. wil "bevriezen" (korte sluitertijd), of de snelheid wil laten zien (lange sluitertijd).



    3.2.3. A-programma


    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/A-stand.jpg[/IMGl] Wat
    Aperture priority is de tegenhanger van shutter priority. Zoals je bij shutter priority de sluitertijd bepaalt en de camera er een diafragma bij zoekt, zo kies je bij aperture priority je diafragma en de camera zoekt er zelf een bijpassende sluitertijd bij.
    Av staat voor Aperture Value. Bij deze stand van de camera moet je zelf het diafragma (de lensopening)instellen. De sluitertijd wordt daar automatisch op aangepast.


    Gebruik

    Aperture priority biedt je dus de vrijheid om zelf je scherptediepte te bepalen. Het is dan ook bij uitstek geschikt om bijvoorbeeld portretfoto's te maken.



    3.2.4. M-programma


    [IMGl]http://i75.photobucket.com/albums/i306/Kingpin_tuts/Digitale_Fotografie/M-stand.jpg[/IMGl]theorie

    De M staat voor Manueel, handmatig. Bij deze stand moet (kan) je zelf de (combinatie) sluitertijd en diafragma instellen.

    Praktijk
    iun aanmaak
    ...


    3.2.5. Verdere programma's/modi

    Op veel camera's zie je ook verdere aanvullingen op de "standen"/programma's :

    - nachtstad
    - sport
    - portret

    Uiteraard kiest de camera de bijhorende waardes steeds in functie van een zo correct mogelijke belichting.







    [/hand]
     
    Laatst bewerkt door een moderator: 6 okt 2008
  4. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]

    --------------------

    [/hand]
     
  5. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]

    4. ENKELE ALG. REGELS & RICHTLIJNEN


    • ..
    • ..
    • ..
    • ..
    • ..
    • ..



    Compositie


    Perspectief


    [​IMG]



    Via perspectief kunnen aspecten anders weergegeven worden. Experimenteren met verschillende standpunten leidt tot uiteenlopende resultaten.




    Normale ooghoogte

    ....
    ....



    Vogelperspectief

    oppassen dat het niet "neerkijkend", neerbuigend, tot zelfs wat onrespectvol overkomt.
    Zo kan je best een beetje door de knien buigen wanneer een Japans koppel vraagt om een foto van hun te nemen, als je niet wil dat ze er n vogelperspectief op staan ;-) ---> ooghoogte



    Kikvorsperspectief

    imponerend, imposanter effect
    ...



    Horizontaal - verticaal


    [​IMG] [​IMG]





    Er zijn enkele alg. richtlijnen/regels om de compositie van een foto te verbeteren. Dit zijn hulpmiddelen, geen wetten en ze geven niet noodzakeijk altijd betere resultaten.


    Rangorde van de elementen



    Kijk-/beweegrichting van het onderwerp

    Ruimte laten in de kijk- of beweegrichting.

    [​IMG] [​IMG]




    [/hand]
     
  6. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]


    De regel van derden

    Onderwerp uit het midden
    Gulden Snede
    Regel van Derden
    => belangrijke onderdelen op de snijpunten van krachtlijnen


    [​IMG] [​IMG]

    [​IMG] [​IMG]


    Scherpstellen op midden --> dan herkaderen


    [​IMG] [​IMG]



    Diagonalen, structuren, patronen en symmetrie


    Diagonalen

    [​IMG] [​IMG]


    Symmetrie


    Structuren en patronen




    [/hand]
     
  7. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]


    [​IMG] [​IMG]


    [​IMG] [​IMG]



    Gebruik van plannen

    [​IMG] [​IMG]

    [​IMG] [​IMG]


    Elimineren

    Less is more. Niet zoveel mogelijk in een beeld proberen te proppen, want dan is de kans groot dat het eigenlijke onderwerp er niet echt uit naar voren komt, en de foto gewoon te druk/chaotisch is. Probeer wat op te ruimen waar mogelijk (en gewenst). Zowel op vlak van compositie, als bv. op het terrein zelf : let op evtle storende elementen en verwijder/verleg deze (zonder de omgeving te beschadigen uiteraard !!!!). Hou bv. een storende graspriet even opzij (niet uittrekken...) bij het nemen van de foto van een paddestoel, zoda deze uit beeld, verleg wat afgevallen herfstbladeren die de paddestoel waar je een foto van neemt als deze "storen" (tenzij deze bv juist het "herfsteffect" versterken)


    Het gebruik van scherptediepte

    ---> stukje Diafragma hier tssvoegen oid
    --> omgeving/achtergrond opruimen door gebruik van een kleinere scherptediepe
    de aandacht op het (hoofd)onderwerp te houden


    Detail

    --> inzoomen, verkleinen van de kijkhoek
    Een foto waar het onderwerp fysisch niet volledig op staat, is daarom niet mislukt. Het kan een speciaal effect geven, de niewsgierigheid opwekken, een detail beter tot uiting laten komen, iets benadrukken, origineel zijn, voor afwisseling zorgen tussen reeksen foto's, ...

    [​IMG] [​IMG]



    [/hand]
     
  8. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]

    .

    4. TAKKEN VAN DE FOTOGRAFIE



    Er kunnen binnen de fotografie verschillende "takken" onderscheiden worden, die vaak eigen, specifieke onderwerpen, kenmerken en technieken hebben.
    De indeling en benamingen van de "takken" kan gebaseerd zijn op het onderwerp (bv: natuur (dieren, planten), gebouwen, landschappen, party's, sport, concerten, mensen/modellen, het stadsleven, astronomische onderwerpen, ...), maar ook op de techniek (bv. macro, panorama, zwart-wit, luchtfotografie, close-ups, ...), en/of andere kenmerken (bv. reizen, evenementen, abstract, ... )

    Een echt afgelijnde, eenduidige indeling is er dus niet te maken, er zullen ook altijd wel overlappingen voorkomen enz... Zo kan je bv. stellen dat een foto van een bos bij natuurfotografie hoort, maar ook bij landschappen. Echter kunnen landschappen- en natuurfotografie ook niet echt samengenomen worden, want industrielandschappen, stedelijk lanschap enz. vallen ook onder lanschapsfotografie. Een kat die op de muur springt, kan bij dierfotografie, maar ook onder actiefotografie vallen. De indelingen zijn dus niet strict afgebakend.

    Voor deze tut heb ik gekozen voor volgende, vrij algemene/meest gebruikte indeling :


    1. Natuur- en landschapsfotografie
    2. Actie- en sportfotografie
    3. Macrofotografie
    4. Dieren
    5. Architectuurfotografie
    6. Party- en nachtfotografie
    7. Stillevens en abstract
    8. Portret-/mensenfotografie

    [/hand]



    [hand]


    4.1. Landschapsfotografie


    4.3.1. Onderwerp

    ...
    ...


    4.3.2. Kenmerken

    ...
    ...


    4.3.3. Camera instellingen

    ...
    ...

    4.3.4. Speciale opname technieken

    ...
    ...


    [/hand]



    [hand]


    4.2. Macrofotografie


    4.3.1. Onderwerp


    4.3.2. Kenmerken


    4.3.3. Camera instellingen


    4.3.4. Speciale opname technieken

    ...
    ...


    [/hand]



    [hand]


    4.3. Sport-/Actiefotografie


    4.3.1. Onderwerp

    Actie, dynamiek. Het onderwerp is in beweging, bezig met een bepaalde handeling. Dit hoeft niet spectaculair te zijn. Zelfs het openen van een bloemknop, het verzetten van een pion op een schaakbord, wind, stromend water, de beweging van de sterren,... allemaal voorbeelden van "beweging" die het onderwerp kan zijn van de Actiefotografie. Meestal is het onderwerp echter sport : F1, wielrennen, voetbal, zwemmen, pingpong, op de glijbaan, in een pretparkattractie,...
    Ook de emotie die bij de sport komt kijken, wordt vaak ondergebracht bij de sport-/actiefotografie.


    Voorbeelden van onderwerpen van de actiefoto's

    [​IMG] [​IMG]


    [​IMG]

    Ook de beweging van de wijzers van een klok is actie,
    en kan het onderwerp van actiefotografie zijn.





    4.3.2. Kenmerken en voorbereiding

    Sport-/actiefotografie is vraagt mer dan klakkeloos wat foto's trekken met je toestel ingesteld op de "sport" stand/modus. Je moet zelf snel zijn, bepaalde tactieken beheersen, de (handmatige) instellingen van je toestel goed kennen en de mogelijkheden/beperkingen ervan kunnen inschatten (= ervaring opdoen, oefenen, ...).
    Op het terrein zelf moet je bij sportfotografie ook nog eens rekening houden met allerlei afwegingen, zoals een zo optimaal mogelijke standplaats (afstand t.o.v. het gebeuren, zon/lichtinval, ...), evtle belemmeringen (crowd control, hectisch gedoe, dranghekken, ...) en beperkingen (tijdstip, geen gebruik van flits, evtl geen plaats om statief te gebruiken), enz. Doe je aan binnensport-fotografie, moet je ook nog eens rekening houden met kunstlicht, interieur van sportgebouwen zoals lelijke muren, ...
    Dit vraagt enige voorbereiding (bv. vooraf nagaan van het parcours) en je mist tijdens het evenement, de activiteit, ... voor jezelf ook een deel van het "live" gebeuren, door regelmatig door je lens te kijken ipv rechtreeks te volgen.
    ...
    ...

    4.3.3. Camera instellingen

    Snelheid is een belangrijk aspect waar je rekening mee moet houden bij het nemen van sport-/actiefoto's. Je moet ervoor zorgen dat je niet nt te vroeg of nt te laat trekt. Veel draait om de snelheid van de camera : sluitertijd, sluiterreactie (shutterlag), snelheid van de autofocus, enz. Zie hoofdstuk 3. Als je toestel ver de mogelijkheid beschikt om een reeks foto's snel na elkaar te maken (burst/continue modus) is dat een pluspunt.
    ...
    ...
    ...

    Diafragma/scherptediepte

    - door een kleinere scherptediepte (minder scherpe achtergrond) kan je ahw het onderwerp "isoleren" van de achtergrond, waardoor het beter tot z'n recht komt. Bv. bij storende achtergrond die het geheel wat druk maakt en de aandacht afleidt van het "onderwerp"/voorgrond :

    [​IMG] [​IMG]




    4.3.4. Speciale opname technieken


    Panning

    = meebewegen met het onderwerp met als doel de beweging/actie te benadrukken. Bij een gepande foto is het onderwerp (relatief) scherp, maar de achtergrond "bewegend"

    Voorbeelden :


    [​IMG] [​IMG]
    [​IMG] [​IMG]

    gestreepte achtergrond + onscherpe, gedraaide spaken : suggestie van beweging


    Sluitertijd

    Spelen met sluitertijd al naargelang het effect je wilt bereiken :

    lange sluitertijd --> accentuering van beweging
    (zeer) korte sluitertijd --> freeze bv. om emotie, positie/houding te accentueren)

    Voorbeelden :

    Zeer korte sluitertijd, waardoor ahw. een freeze bekomen wordt. Het lijkt net of hij stilstond, of op z'n duizendste gemakjes aan komt fietsen, echter gaat het om een tijdrit, volop actie. Dit geeft een "duidelijk", scherp resultaat, onderwerp en achtergrond zijn scherp, maar aspect "snelheid" komt niet naar voren.


    [table="head"] Beweging | Sluitertijd
    stromend water (beek) | 1/250s
    jogger | opzoeken
    Fontein | 1/500s
    Fietser | 1/500s
    Auto | 1/1000s
    F1-wagen | opzoeken
    Vliegtuig | 1/2000s
    [/table]


    Voorbeelden :

    Lichtelijke :•) overdrijving van suggestie van beweging door een t trage sluitertijd vergeleken met de snelheid van het bewegende onderwerp :

    [​IMG]


    Hiermee kunnen ook juist creatieve actiebeelden en "special effects" gecreerd worden.

    [​IMG]

    Het is maar net wat je wil : een "freeze" momentopname bv. om emotie te accentueren, of de actie/snelheid in beeld te brengen. Dit kan dus benvloed worden door je sluiterstand aan te passen.


    foto lopend water :

    Samenvatting
    Opnametechniek - resultaat :
    opnametechniek | onderwerp | achtergrond|
    pannen | scherp | bewogen|
    korte sluitertijd (freeze)| scherp | scherp|
    lange sluitertijd | bewogen |scherp|

    motordrive-methode



    4.3.5. Vaak voorkomende problemen


    Snelheid vs. (auto)focus

    [​IMG]

    verkeerde focus --> achtergrond (coiffeurszaak) scherp, onderwerp(en) onscherp


    Snelheid vs. shutterspeed

    uitleg bla bla....


    Voorbeelden :


    [​IMG] .. [​IMG]
    . . . . . . . . . . . . . . . Te vroeg . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Te laat :•)



    4.3.6. Tips

    Sport, wedstrijden

    • Ga vooraf na waar je het best kan gaan staan om foto's te nemen. Vaak kan je bv. parcours die afgelegd worden, al nagaan op sites, kan je dus al even nagaan op welke plek je het best kan gaan staan om niet tegen de zon in te staan, een buitenbocht, ...
    • Kies een plaats waar je een goed overzicht hebt (zonder stoorzender te zijn !!). Goede plaatsen bij bv. parcours, zijn in de buurt van bochten (zonder in de weg te staan. Voordeel is dat je de renners, wagens, ... frontaal ziet afkomen, maar ook bij het passeren van de bocht zijdelings kan zien. Daarnaast vertragen ze in bochten ook wat, wat makkelijker is ivm de snelheid/panning (meevolgen met je camera).
    • Probeer wat afwisseling te brengen in perspectief, standpunt. Trek bv. eens vanuit kikvorsperpectief, door de "tralies" van de dranghekken door. Heeft heeft geen zicht, en als je niet oppast kom je zo nog op TV :•) maar het is eens wat anders.
    • ..


    [/hand]




    [hand]


    4.4. ..

    ...



    4.4.1. Onderwerp

    ...


    4.4.2. Kenmerken

    ...


    4.4.3. Camera instellingen

    ...


    4.4.4. Speciale opname technieken

    ...

    [/hand]



    [hand]


    4.5. ...



    4.5.1. Onderwerp

    ...
    ...


    4.5.2. Kenmerken

    ...
    ...


    4.5.3. Camera instellingen

    ...
    ...


    4.5.4. Speciale opname technieken

    ...
    ...



    [/hand]
     
  9. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]

    5. FOUTEN EN PROBLEMEN


    1. [linkje]Kleurzweem[/linkje]
    2. [linkje]Lens flare[/linkje]
    3. [linkje]Overbelichting en onderbelichting[/linkje]
    4. [linkje]Ruis[/linkje]
    5. [linkje]Chromatische aberratie[/linkje]
    6. ...


    [kopje]Kleurzweem[/kopje]​

    5.1. KLEURZWEEM

    [​IMG] [​IMG]


    Kleurzweem is een gekleurde schijn/waas, laagje dat op een foto aanwezig lijkt, alsof de foto bekeken wordt door een gekleurde bril. Zo hebben foto's in kunstlicht-situaties vaak de neiging wat "gelig" te zijn. Ook foto's van onderwater en in de bergen, kunnen onder bepaalde omstandigheden een kleurzweem vertonen. Toch zag je zelf deze zweem niet in in werkelijkheid. Dit komt omdat een camera de werkelijke kleur van het licht ziet, en het flexibelere menselijk oog niet. Vaak wordt kleurzweem als storend/ongewenst beschouwd, maar het kan ook bijdragen aan een bepaalde sfeer.

    Kleurzweem valt te verwijderen/corrigeren door de kleurbalans bij te werken in een fotobewerkprogramma, zie voor meer info onder punt 6.4 Kleurzweem verwijderen.
    Als de kleurzweem een meerwaarde geeft aan de foto (bv. gevoel van warmte bij kaarslicht) kan je het zeker ook zo laten.



    [kopje]Lens flare[/kopje]​

    5.2. LENS FLARE


    Lens flare is de benaming van vlekken, reflecties op de foto, veroorzaakt door (fel) binnenvallend licht (zonlicht, lmpen, ...) op de lens/het lenzensysteem. Lens flare komt vaker voor bij zoomcamera's owv. het complexere lenzensysteem. Ook stofjes op de lens kunnen lens flare veroorzaken, bv bij schuin invallend (zon)licht. De vlekken kunnen verschillende vormen, afmetingen en kleuren aannemen.
    Lens flare is niet altijd slecht of ongewenst. Het kan een (bedoeld) "special effect" aan de foto toevoegen, bv. om een een zonnig gevoel te creren, om een lichtspel te benadrukken, .... Met speciale plugins en functies in fotobewerksoftware is het zelfs mogelijk een kunstmatig lensflare te simuleren!
    In veel gevallen kan (ongewenste) lens fare voorkomen worden door gebruik van een (grotere) zonnekap, en een schone lens.


    Voorbeelden van (ongewenste, storende) lens flare :

    [​IMG]




    [kopje]Overbelichting en onderbelichting[/kopje]​

    5.3. OVERBELICHTING en ONDERBELICHTING


    Overbelichting : er werd te veel licht door de lens gelaten voor de betreffende situatie, waardoor belichte gebieden extra licht gemaakt worden en er een contrastprobleem optreedt, waarbij details nog moeilijk te onderscheiden zijn.

    Onderbelichting er werd te weinig licht op de lens gelaten voor de betreffende situatie, waardoor de foto te donker uitvalt en details moeilijk te onderscheiden zijn.


    Voorbeelden van (sterke ;•)) over- en onderbelichting :

    [​IMG] [​IMG]


    Mogelijke oorzaken overbelichting
    • te hoge iso
    • te lange sluitertijd
    • ...
    • ...

    Mogelijke oorzaken onderbelichting
    • te lage iso
    • te korte sluitertijd
    • ...
    • ...



    [kopje]Ruis[/kopje]​

    5.4. RUIS


    (Beeld)ruis : ruis is te herkennen als een soort korrellige fragmenten op de foto, of als kleurvlakjes in uniforme, donkere gedeeltes van de foto. Dit wordt veroorzaakt door een te groot aatal pixels op het kleine oppervlak van de sensor.
    Er zijn dus 2 soorten ruis te onderscheiden: de helderruis (korreltjes veroorzaakt door fouten in de helderheidsberekening per pixel) en kleurruis (kleurvlekjes die onstaat door verkeerde interpolatie van de kleuren met naburige pixels)


    Voorbeelden van ruis:

    [​IMG] [​IMG]


    Opname-omstandigheden en -instellingen die ruisvorming benvloeden:
    • hoge iso's = hoog ruisniveau: hoe hoger de gevoeligheid, hoe meer ruis of hoe groter de kans op ruis
    • lange sluitertijd
    • onderbelichting
    • ...


    Ruisonderdrukking : functie aanwezig in veel digitale toestellen. Ruisonderdrukking kan erg verschillen van merk/model tot merk/model, maar leidt altijd tot een zeker verlies van detail. Bij de ene is de optie beter inzetbaar bij ruisgevelige opnames, bij de andere gaat zo fel tekeer in de ruisonderdrukking dat het resultaat eerder een aquarel lijkt.

    Ruis verwijderen: Eigenlijk kan je dan ook beter de ruisonderdrukking achterwege laten, en evtle (storende) ruis zelf achteraf corrigeren (nabewerking) . Uit een foto met ruis kan achteraf met wat anti-ruis tooltjes/plugins, een relatief goed resultaat komen, terwijl een door de ruisonderdrukking ontruisde "aquarel" waarbij veel detail verloren gegaan is, niet veel meer mee te doen valt : wat er niet meer is van detail, kan je ook niet redden/terughalen.

    Indien je in .raw formaat kan fotograferen is dat de betere keus om ruis achteraf te verwijderen mbv. software als Noise Ninja, Neat Image, ... Er treedt dan nl. minder verlies van beeldkwaliteit op dan bij het nabewerken van .jpeg's




    [kopje]Chromatische aberratie[/kopje]​

    5.5. CHROMATISCHE ABERRATIE


    Chromatische aberratie: Kleurrandjes (meestal paars, vandaar ook vaak de benaming "pruple fringing") aan scherpe, contrastrijke overgangen (dak-lucht, takken-lucht), veroorzaakt door een lensafwijking: de lenzen van een camera concentreren het invallende licht niet correct op het juiste brandpuntsafstand. Licht met korte brandpuntsafstand wordt door de lenzen sterker afgebogen dan licht met een lange brandpuntsafstand. Meer, meer.


    Voorbeelden van chromatische aberratie :

    [​IMG] [​IMG] [​IMG]


    Weg te werken in een fotobewerkprogramma, door de verzadiging van de betreffende kleurkanalen te verminderen bij deze randjes.




    [/hand]
     
  10. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]


    6. FOTO'S BEWERKEN (VERBETEREN)



    • [linkje]Inleiding[/linkje]
    • [linkje] Formaat aanpassen (verkleinen)[/linkje]
    • [linkje] Croppen/bijsnijden[/linkje]
    • [linkje] Contrast verbeteren, kleuren en helderheid aanpassen[/linkje]
    • [linkje] Horizon(lijn) rechtzetten[/linkje]
    • [linkje] Achtergrond / storende elementen vervagen[/linkje]
    • [linkje] Snelheid suggereren[/linkje]
    • [linkje] Ruis vervagen/verwijderen[/linkje]
    • [linkje] bla bla bla[/linkje]




    Inleiding

    Bereik:
    In dit deeltje komt beeldbewerking tbv. "beeldverbetering" aan bod. Dwz het verbeteren van minder goed gelukte foto's ed.
    Voor "artistieke" beeldbewerking (toevoegen van kaders, ...) en "beeldmanipulatie", zie deel 7 [linkje]

    Gebruikte software:
    De bewerkingen in dit deel worden uitgelegd ahv. het programma Adobe Photoshop. Hier kan je de volledig werkende trial (30 d.) van Photoshop downloaden, klik. De trials zijn Engelstalig, dus indien je zelf al Photoshop aan boord hebt en een NL versie gebruikt, kan je hier indien nodig de vertalingen van het menu ed. terugvinden, klik.
    (In onderstaande inline tutjes werd gebruik gemaakt van de Photoshop versie voor MacOSX. Het ziet er dus soms ietsje anders uit, maar de tools enz. zijn wel op quasi dezelfde plek terug te vinden en het gebruik is zo goed als identiek.)



    [hr]


    6.1. Formaat aanpassen


    Wat?

    Als je een foto bv. wil gebruiken op een website, forum of wil uploaden met een gratis hostsite, zal je hem wschl. wat moeten verkleinen omdat er vaak met een max. toegestaan formaat gewerkt wordt. Een foto kan bij overzetten van het toetstel op je harde schijf bv. 3264x2448px van formaat zijn, maar bv. op een forum waar je de foto wil posten is max. 640x480px toegestaan. Je kan dit met aparte tools zoals bv. VSO ImageResizer, de ImageResizer uit Powertools voor WinXP, FastImageResizer, enz.... of met een Online image resizer site zoals bv. FotoTool.nl, seniorennet-fotoverkleiner, resize2mail of hostsite bv. TinyPic, enz...
    Als je Photoshop hebt, kan je het als volgt:


    Hoe?

    • Open de foto waarvan je het formaat wil verkleinen (zonder croppen/bijsnijden) in Photoshop
    • Kies "Image" en dan "Image Size"

      [​IMG]
      .
    • Geef bij Width of Height de gewenste breedte of hoogte in (Let er op dat de verhoudingen juist blijven en dus onderaan "constrain proportions" aangevinkt staat). In het voorbeeld werd de originele breedte 3264px naar 640px veranderd (de hoogte verandert proportioneel mee)

      [​IMG]
      .
    • Klik OK
    • De foto is verkleind, sla 'm op via File > Save as... en kies een andere benaming zodat je het origineel niet overschrijdt (bv. [naamvanhetorigineel]_640px waarbij ineens aan de naam van het bestand af te lezen valt dat deze een verkleining is, wat handig is wanneer je de foto wilt uploaden)



    [hr]


    6.2. Croppen, bijsnijden


    Wat?

    Een andere manier om de foto te "verkleinen", is door 'm bij te snijden: het overbodige er af te knippen ahw. Dit kan je om verschillende redenen willen doen: het onderwerp meer in de verf zetten, lelijke/afleidende randen dingen erafknippen, ...
    Ook croppen/bijsnijden kan je met andere tools en online services bv. FotoTool.nl, NexImage, enz... maar wie PhotoShop wil gebruiken hiervoor, kan dit als volgt:


    Hoe?

    Voorbeeld: In deze foto moet je het ratje (Kato) al bijna met een vergrootglas gaan zoeken. Aangezien mijn trui noch figuur er toe doet :•) gaan we die hele handel er afknippen zodat Katootje wat meer in the picture komt [​IMG]

    [​IMG] ---> [​IMG]


    • Open de foto in Photoshop
    • Kies in de gereedschapsbox het "Crop tool"

      [​IMG]
      .
    • Selecteer (= trek een rechthoek met het crop tool rond) het deel van de foto dat je wilt behouden (vergroot evtl. de weergave wat via het zoom tool (vergrootglasje in de toolbox) om nauwkeuriger te kunnen werken als je veel moet croppen)
    • Rechtermuisklik in het geselecteerde gebied en kies "crop".

      [​IMG]
      .
    • Je kan evtl. nog wat bijknippen als het nog niet helemaal naar je zin is.
    • Evtl kan je het formaat nog wat aanpassen via image > image size om de foto nog wat te verkleinen desgewenst (zie 6.1)


    [hr]


    6.3. Contrast verbeteren, kleuren en helderheid aanpassen


    Contrast en helderheid


    [​IMG] [​IMG]
    ...
    ....

    [​IMG]

    [​IMG]

    ....
    ....



    Verzadiging

    ...
    ...

    [​IMG] [​IMG]

    ....
    ....

    [​IMG]

    [​IMG]


    .....
    .....




    [/hand]
     
  11. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]

    6.4. Kleurzweem verwijderen


    Wat?

    Met kleurzweem wordt een gekleurde schijn/waas bedoeld die op een foto aanwezig is, alsof de foto bekeken wordt door een gekleurde bril. Zo hebben foto's in kunstlicht-situaties vaak de neiging een gelig te zijn. Ook foto's van onderwater, in de bergen, kunnen onder bepaalde omstandigheden een kleurzweem vertonen. Toch zag je zelf deze zweem niet in in werkelijkheid. Dit komt omdat een camera de werkelijke kleur van het licht ziet, en het (flexibelere) menselijk oog niet.
    Soms kan kleurzweem bijdragen aan (de sfeer van) een foto, maar meestal is hij ongewenst, en kan het verwijderd/gecorrigeerd worden met een bewerkprogramma. Hoe dit kan in Photoshop, lees je in de stappen hieronder.


    Voorbeeld van een foto met kleurzweem (L) en dezelfde foto waarbij de kleurzweem verwijderd werd met PS (R):

    [​IMG] ---> [​IMG]



    Hoe?
    • Open de foto met de kleurzweem in PhotoShop
    • Kies Image > Adjustments > Color Balance

      [​IMG]
      .
    • Verschuif de schuifbalkjes wat tot de kleuren gecorrigeerd zijn. (Zorg dat preview aangevinkt is zodat je "realtime" de veranderingen kan bekijken)

      [​IMG]
      .
    • Mogelijk moet je ook het contrast ed. nog wat aanpassen.
    • Sla als het klaar is het resultaat op via File > Safe as...



    [hr]


    6.5. Overbelichte en onderbelichte foto's


    Overbelichte foto verbeteren


    Wat?

    Een fel overbelichte foto is meestal niet meer goed te maken, wat er nl. niet "is" ("uitgebrande" witte stukken), kan je er niet meer bij goochelen. In dat opzicht kan een foto beter onderbelicht dan overbelicht zijn. Maar bij niet te zwaar overbelichte foto's valt toch zeker nog eea. te redden. Met Photoshop kan je op verschillende manieren een overbelichte foto verbeteren. Een van de manieren is via "curves".

    Voorbeeld van een overbelichte foto (L) en dezelfde foto waarbij de overbelichting wat aangepakt werd met PS (R):

    [​IMG] ---> [​IMG]


    Hoe?

    • Open de overbelichte foto in Photoshop
    • Neem in de menubalk van PS, "Images" en dan "Curves"

      [​IMG]
      .


    • [​IMG]
    • ..
    • ..
    • Via Images > Contrast kan je evtl. ook nog proberen om de overbelichte foto wat te verbeteren.
    • Als je klaar bent, sla het resultaat op via File > Save as.


    [hr]


    Onderbelichte foto's verbeteren


    [​IMG] [​IMG]

    ...
    ...

    [​IMG]

    [​IMG]

    [​IMG]

    ...
    ...


    [hr]

    [/hand]
     
  12. *Kingpin*

    *Kingpin* Moderator

    [hand]




    6.5. De horizon(lijn) rechtzetten


    Wat?


    Een probleem dat regelmatig voorkomt, is dat de horizon niet recht is : de zee loopt leeg, een landschap helt af, ...
    Een niet rechte horizon kan wel eens een leuk effect geven, origineel zijn, ... maar dan was het doorgaans ook juist de bedoeling geen rechte horizon te hebben, en betreft het een sterke afwijking. Wanneer het niet de bedoeling was en je de horizon recht wil maken, kan je dit in de nabewerking mbv. bv. Photoshop.


    Voorbeeld van een foto met een scheve horizon vs. met een rechtgezette horizon :

    [​IMG] . [​IMG]



    Hoe?
    • Open de afbeelding waarvan je de horizon wilt rechtzetten, in Photoshop.
    • Ga naar Image (Afbeelding) > Rotate canvas (Canvas roteren)> neem "Arbitrary" (instelbaar)

      [​IMG]
      .
    • Afhankelijk van hoe scheef je horizon staat, moet je hier een getal ingeven. Tenzij de horizon wel heel er schuin genomen is, volstaat een waarde van 1 tot 3 wel. Je kan hiermee even experimenteren.

      [​IMG]
      .
    • Nu het de horizon rechtgezet is, moet de foto zelf wel wat bijgeknipt worden vermits het canvas zelf niet meer waterpas staat. Hiervoor kan je de Croptool gebruiken :

      [​IMG]
      .
    • Selecteer een kader zodat de hoeken en alle lijnen mooi uitkomen, en rechtermuisklik dan op de afbeelding. Kies "Crop" (Uitsnijden)

      [​IMG]

    En de foto is bewerkt zodat je horizon nu recht staat.

    [​IMG] --> [​IMG]



    6.6. ...............

    ....


    Wat?

    ...
    ...

    Hoe?

    ...
    ...



    ...

    ...
    ...



    6.7. ...............


    ....


    Wat?

    ...
    ...

    Hoe?

    ...
    ...



    ...

    ...
    ...

    ...
    ...


    6.8. ...............

    ...
    ...


    [/hand]
     

Deel Deze Pagina